Recensie: Terug naar Japan

Recensie: Terug naar Japan

Stel je wordt verliefd. Niet op iemand, maar op een land. En stel dat jouw situatie het onmogelijk maakt om dat land te bezoeken. Dan wordt die onmogelijke liefde alleen maar sterker. Zo begon het voor Anne Sey, die als jong meisje in de DDR verliefd werd op Japan. Tegen beter weten begon ze aan een studie Japankunde. Toen in 1989, ze was toen bijna klaar met haar studie, de muur viel ging er ineens een wereld voor haar open. Ineens kon ze naar Japan. Haar geliefde Japan. Waarschijnlijk voelde het toen ook al als “terug naar Japan”.

Het is vooral het Japan uit de geschiedenisboeken dat Anne aantrekt. Philipp Franz von Siebold (1796 – 1866) is haar grote held. Als geneesheer kwam Siebold terecht in de Nederlandse handelspost Dejima in Nagasaki waar hij de Japanners les gaf in westerse geneeskunde. Hij was een van de eerste westerlingen die toegang kreeg tot Japan. Het Japan dat hij gezien moet hebben is dat van de samoerai en de eeuwenoude tradities. Zonder de vloedgolf aan westerse invloeden van nu. Zou het niet fantastisch zijn om terug te kunnen naar dat Japan? Terug naar Japan zoals Siebold het ervaren moet hebben?

Het Japan van Siebold was een Japan ongerept door moderne invloeden. De beste kans om zo dicht mogelijk bij dat Japan te komen is op plekken waar het lijkt of de tijd een tijdje stilgestaan heeft. Plekken buiten de grote steden. Zo kwam Anne op het idee om, op z’n Hollands, met de tent achterop de fiets een stukje van Japan te gaan verkennen. “Terug naar Japan” is het verhaal van haar bijzondere ontdekkingsreis door een bijzonder stukje van een bijzonder land.

Terug naar Japan

Waardering: 5 uit 5.

Anne Sey neemt je mee op een 1.000 kilometer lange fietstocht door het Japan van haar jeugdheld. Een onvergetelijke ontdekkingsreis, zowel voor Anne als voor de lezer.

Ik waardeer de schrijfstijl van Anne wel. Haast naadloos verwerkt ze relevante quotes in haar eigen verhaal, waardoor er direct een link ontstaat met het verleden dat ze probeert te ontdekken. Laat ik haar verhaal eer aan doen en proberen om deze recensie wat completer te maken met een nuttige quote of twee.

Bij een goed boek leer je gaandeweg de spelers kennen en ergens, zo rond bladzijde 100, begin je met ze mee te leven. Katinka900 is het met mij eens: “Het verhaal moet de lezer meenemen. Zintuiglijke waarnemingen van de hoofdrolspelers moeten zodanig zijn beschreven dat de lezer het zich kan inbeelden en emoties kan meevoelen, zonder dat ze de boventoon gaan voeren en daardoor de vaart uit het verhaal halen.” Zo heb ik ook het verhaal van Anne ervaren.

“Terug naar Japan” is (veel) meer dan alleen een reisverslag. Op een leuke manier verbindt Anne haar eigen ervaring in het heden met die van de buitenlanders die Japan over de afgelopen eeuwen bezocht en beschreven hebben.

De gelige inktvissen hangen wapperend in de zeelucht te drogen. Aan eindeloze snoeren langs het vissershaventje, vastgemaakt met blauwe plastic knijpers. Bij elke windstoot zwaaien ze met hun armpjes en laten die na een paar omwentelingen om hun as even zakken. Ze zijn met ontelbaar velen. Een keurige, gelige rij inktvissen. Zo’n onderarm lang. Daarlangs rijd ik Yobuko binnen.

Tot mijn opluchting langs een kleinere soort, dan waarover de Engelse uitgever Thomas Rundall in 1850 waarschuwt: ‘(…) one said to be of such dimensions, that it can scarcely be lifted by two men.’ Eventjes voelt het alsof ik de inktvissen daadwerkelijk een parade afneem. De discipline van de manschappen is uitstekend. Hun lichaamshouding oogt fris en gezond. Hun uniformen zijn keurig op orde. Toch zouden deze jongens dringend iets aan hun lichaamsgeur moeten doen. Een verbeterpunt.

Blz. 52

De twee hoofdrollen in dit boek zijn weggelegd voor Anne en Japan, plus een aantal bijrollen en figuranten. Zoals een goed boek betaamt leren we beide hoofdrolspelers onderweg steeds beter kennen. Voor de Japan-kenner voelt de tweede hoofdrolspeler, Japan, al heel snel vertrouwd. Maar je hoeft absoluut geen Japan-kenner te zijn om mee te leven met beide spelers en ze gaandeweg steeds meer te gaan waarderen. Wat ik wil zeggen: “Terug naar Japan” is in mijn beleving een goed boek.

Anne’s liefde voor Japan is herkenbaar. Het heeft wat weg van de manier waarop John Miles zijn liefde voor muziek omschrijft: “Music was my first love, and it will be my last. The music of the future, the music of the past.” Bij mij is die liefde pas later per ongeluk gekomen. Ik leerde mijn Japanse vrouw kennen tijdens een jaar backpacken in Australië. Van het een kwam het ander. Een soort tweede liefde dus, maar even herkenbaar.

Maar ook zonder die bagage en achtergrond, zonder enige voorkennis en als je Japan helemaal niet kent is “Terug naar Japan” heel toegankelijk en waarschijnlijk net zo meeslepend.

Gepubliceerd door Wouter

Woonde 5 jaar in Japan en is cultureel ervaringsdeskundige.