Deze gastblog is geschreven door
Een bezoek aan een tempel of jinja (een shinto heiligdom) is onmisbaar tijdens een reis door Japan. Sommige mensen verzamelen speciale stempels na het bidden, de zogenoemde shuin. Jaarlijks trekken er mensen van over de hele wereld naar steden zoals Kyoto en Nara om deze eeuwenoude gebouwen te bezoeken. De perfecte kans dus om je te verdiepen in de Japanse geschiedenis en de religieuze gebruiken van het land.
Tijdens mijn bezoek aan de Tsuraoka Hachimangu in Kamakura ontdekte ik iets opmerkelijks. Voor de receptie van de jinja stond een lange rij mensen te wachten. Eén voor één gaven zij een rechthoekig boekje af, waarna vervolgens een miko (vrouwelijke priesteres) hierin zorgvuldig begon te kalligraferen, een stempel zette en het boekje na een aantal minuten weer teruggaf. Ik vroeg aan de Japanse vriendin met wie ik was wat ik zojuist had aanschouwt. Zij vertelde mij dat veel mensen na het bidden bij een heiligdom een shuin lieten zetten in hun shuincho. Blijkbaar deden voornamelijk oudere mensen dit, maar was de zegel de afgelopen jaren ook populairder geworden onder jongeren en toeristen als een aandenken aan hun bezoek.
Een korte geschiedenis van de shuin
De precieze oorsprong van de zegel is onduidelijk omdat er weinig onderzoek naar gedaan is. Het woord shuin bestaat uit de karakters 朱 (shu) vermiljoen en 印 (in) stempel of zegel en wordt vaak vertaald naar vermiljoen of rode zegel. Het wordt soms ook vermeld als goshuin, waarin go (御) als beleefdheidsvoorvoegsel wordt gebruikt. Vermiljoen zegels werden onder andere in de 16e eeuw gebruikt door de overheid om toestemming geven voor activiteiten zoals binnenlands en buitenlands reizen en handelen. Het specifiek afgeven van de zegel bij tempels en jinja wordt voornamelijk geassocieerd met de 66-plaatsige pelgrims tocht (rokujūrokubu kaikoku) uit het Kamakura tijdperk.
Tijdens deze tocht bezochten pelgrims 66 heiligdommen waar zij handgemaakte kopieën van de Lotussoetra heenbrachten. Als deze taak was volbracht kregen de pelgrims een nо̄kyо̄in (zegel) als bewijs gekalligrafeerd in een nо̄kyо̄chou (zegelboekje). Dit boekje wordt beschouwd als de voorganger van de hedendaagse shuinchо̄, waar je de vermiljoen zegels in laat zetten. De nо̄kyо̄chou wordt nog steeds gebruikt specifiek voor pelgrimstochten binnen Japan zoals de Shikoku en Saigoku routes. In tegenstelling is de goshuinchо̄ niet expliciet voor pelgrimstochten maar is het een bewijs voor iedereen die respect heeft betuigd bij een heiligdom.

Een Japanse tempel of jinja bezoeken
De zegels en bijbehorende boekjes om de zegels in te laten zetten zijn te verkrijgen bij tempels en jinjas door heel Japan. Bij de ingang van veel bezochte locaties staan dan ook meestal bordjes die aangeven waar de zegels worden uitgedeeld. Vaak is dit bij de receptie waar je ook andere bescherm amuletten (omamori) kan krijgen. De shuin kosten tussen de 300 tot 500 yen. Ook worden er speciale limited editions aangeboden met verschillende kleuren en patronen. Soms krijg je de zegel op een apart blad of wordt deze direct gekalligrafeerd het boekje. Een zegelboekje kost tussen 1500 tot 2000 yen en er zijn vaak verschillende uitgaven waar je uit kan kiezen.

Hierboven zie je de zegel van Izumo Taisha, een van de meest bezochte jinja’s in Japan. De nummers tonen aan hoe deze is samengesteld. Eén is de datum, wanneer je gebeden hebt en de shuin hebt laten kalligraferen. Twee is de stempel van Izumo taisha, deze wordt als laatste gedrukt. De zegel is dus een combinatie van kalligrafiewerk en één of meerdere stempels. En drie is de term 参拝 (sanpai) dit betekent ‘respect betuigen’ specifiek bij een tempel of jinja. In plaats hiervan wordt soms ook de term 奉拝 (houhai) gezet dat een soortgelijke betekenis heeft.
Bij het bezoeken van tempels en jinja’s behoort etiquette. In het geval van een jinja begin je met het buigen voor de tori poort. Vervolgens doe je een rituele reiniging bij de temizuya waarbij je de scheplepel pakt met de rechterhand en deze over de linkerhand giet en andersom. Daarna neem je de lepel in de rechterhand en spoel je je mond met een beetje van het water. Als laatste schep je weer water in de lepel en houd je deze rechtop om het handvat te reinigen.
Bij het bidden doe je een vijf yen munt in de offer-box, luid je de bel, buig en klap je twee keer en vervolgens buig je nog een keer. Je vindt de temizuya ook bij tempels maar het bid ritueel verschilt. Hier bid je in stilte met je ogen gesloten zonder te klappen. Na het bidden is de shuin te verkrijgen bij de receptie.
Shuin in de Japanse samenleving
Er wordt op het Japanse internet gesproken van een ‘goshuin boom’. De afgelopen jaren is het verzamelen van de vermiljoen zegels toegenomen onder zowel de lokale bevolking als bezoekers. Zo zijn er ook gevallen waarin mensen urenlang in de rij staan voor een speciale zegel. Verder spenderen de shuin-liefhebbers tijd op verschillende online fora waar mensen de zegels ruilen, verkopen, foto’s delen en reviews achterlaten van de heiligdommen die ze bezocht hebben.
Maar de rage is niet zonder enige kritiek. In een interview met de krant deelden de medewerkers van de tempels en jinja hoe zij zich hierover voelen. Zij zijn van mening dat door de rage de zegels worden gebagatelliseerd en dat de traditionele betekenis, het aanbidden van de kami, hierdoor afvlakt. Een voornamelijk punt van kritiek is de vergelijking met de Japanse stamp-rally. Dit is een activiteit waarbij je door het hele land op toeristische plaatsen zoals musea, stations en bekende monumenten gratis stempels kan verzamelen. Het jinja personeel beschouwt de shuin niet alleen als bid bewijs maar ook als een deel van de kami dat je met je meedraagt in de goshuincho na je bezoek.

Maar de rage is niet bij iedereen geland. Tijdens een van mijn lessen op een Japanse middelbare school als ALT vroeg ik de studenten of zij met de vermiljoen zegels bekend waren. Er viel een stilte en uiteindelijk merkte een student op ‘‘volgens mij doet mijn grootmoeder dat weleens.’’
Diezelfde week was ik op bezoek bij een jinja, waar ik weleens theedrink met de priester. Toen ik hier mijn eerste shuincho kocht was hij zo vriendelijk geweest om mij te vertellen over gebruiken rondom de zegels. Ik vertelde hem dat ik verbaast was dat studenten hier niet mee bekend waren, voornamelijk omdat ik ook vaak jonge mensen zag in de rij voor de zegels. Maar hij deelde deze verbazing niet en was van mening dat voornamelijk de jeugd langzaam haar connectie verloor met Japanse traditionele gebruiken.
